Van data naar gebruik
Het gesprek over smart cities gaat veelal over wat er allemaal slimmer, goedkoper of veiliger kan. Betere en efficientere dienstverlening, meer comfort en meer veiligheid dat zijn de termen waarmee de opbrengst wordt beschreven. De data die daarvoor nodig is staat centraal. En kijken we naar hoe we aan de data gaan komen. Wat daarvoor aan sensoren nodig is? Welke investering gevraagd wordt? Tijdvretende trajecten, waarvan het onzeker is of ze wel afgerond worden of hun belofte invullen.

Smart cities gesprekken focussen zich vaak op thema’s als mobiliteit en veiligheid. Het schaalniveau is vaak de stad als geheel. De woning of het woongebouw zit vaak meer in de hoek van de domotica, van gadgets. Domotica die vaak door bewoners als een soort ad on wordt toegevoegd en geen integraal onderdeel van de woning of het woongebouw uitmaken.

Domotica die vaak aangestuurd wordt via de smartphone of smart speaker.
Time to market
Kan dat niet sneller? Ja, als we starten bij wat een woning of een gebouw al aan (potentiële) data genereerd. En wellicht komen er nog use cases naar voren waaraan we op voorhand niet gedacht hebben. Laten we deze lijn eens verder verkennen. Door de data in kaart te brengen.

Data
Er is eigenlijk geen data! Dat is het eerste wat opvalt als we met de databril naar een woning of gebouw kijken. Wel zijn er veel sensoren en autonome systemen met daarin sensoren. Denk bij een woning sensor bijvoorbeeld aan een bewegingsmelder die gekoppeld is aan een buitenlamp, aan de bewegingsmelder die de toegangsdeur van een woongebouw opent of bij een systeem aan je cv-ketel en bijbehorende thermostaat of een lift waarin sensoren zitten die het gewicht meet om overbelasting te voorkomen.
Met al die signalen wordt eigenlijk niets gedaan. De signalen worden niet vastgelegd, de data wordt niet ontsloten, laatstaan geanalyseerd. Zonde! Een kleine uitzondering hierop is de slimme meter van de nutsbedrijven. Deze data is niet alleen voor de energiebedrijven toegankelijk maar eveneens voor de bewoners van de woning.
Onvervulde belofte
Al lange tijd wordt ons voorgehouden dat de doorbraak er bijna is. Vaak volgend jaar. En de eerlijkheid gebied te zeggen dat er sprake is van een zekere ‘creep’: de intelligentie kruipt onze woning en ons leven in. De slimme energiemeter noemde ik al, maar als gebruiker wordt je in veel gemeenten via een app erop gewezen dat morgen je huisvuil wordt opgehaald. En slimme luidspreker van Google zie je ook op steeds meer plaatsen opduiken. Wie zonnepanelen heeft kan vaak via een app zien of er genoeg energie wordt opgewekt.

Veel zaken die het leven makkelijker maken maar geen ‘killer’ toepassingen die in een keer je leven op zijn kop zetten. Wil je meer, dan kom je zelf aan het knutselen met zaken als een raspberry pi. Niet iedereen voelt zich daartoe geroepen…..
Technisch is er veel mogelijk maar missen we de opschaling met een user interface die een grote groep aanspreekt. De belofte blijft nog onvervuld maar wat mij betreft ook met het beeld dat de toekomst van het wonen voor onze ogen vorm krijgt!




Het leven in dorpen en steden lijkt en onveranderlijk en nooit het zelfde. Maakt digitalisering alles anders? Je kunt in ieder geval zien dat iedereen ook een online aanwezigheid heeft. Waarmee contacten worden onderhouden, informatie opgezocht en verstrekt, ontspannen en geleerd. Hoe past dat bij de steeds wijzigende wensen over hoe we willen wonen?